BOUWREGELGEVING

Bouwregelgeving

Woningwet

De Woningwet is ingevoerd in 1901 met als doel de bewoning van slechte woningen onmogelijk te maken en de bouw van goede woningen te bevorderen. De wet stelt daarom bouwtechnische eisen aan alle bouwwerken. Ook is in de Woningwet een stelsel opgenomen voor bouwvergunningen. Verder verplicht de Woningwet gemeente ondermeer een welstandsnota op te stellen. Daarin moet voor ieder gebied dat een gemeente 'welstandsgevoelig' vindt zo concreet mogelijk aangegeven zijn wat de welstandseisen zijn.

De Woningwet vormt de kern van de bouwregelgeving en dan met name de bouwparagraaf van deze wet. Onder de Woningwet vallen drie besluiten:

  • Besluit bouwvergunningsvrije en licht-bouwvergunningplichtige bouwwerken
    In dit besluit is het regime voor bouwvergunningen uitgewerkt. Het besluit bevat voorschriften voor het bouwvergunningsvrij bouwen en het bouwen waarvoor een lichte bouwvergunning vereist is.

  • Besluit indieningsvereisten aanvraag bouwvergunning
    In dit besluit staat hoe een bouwaanvraag moet worden ingediend.

  • Bouwbesluit 2003
    Besluit met de bouwtechnische voorschriften voor bestaande en nieuwe bouwwerken.

Op 1 april 2007 is een wijziging van de Woningwet in werking getreden. De wijziging heeft vooral tot doel de naleving, handhaving en handhaafbaarheid van de bouwregelgeving te verbeteren. Naast verbeterde handhavingsmogelijkheden voor gemeenten, krijgen burgers en ondernemers in de nieuwe Woningwet meer zelf de verantwoordelijkheid voor het naleven van de regels. Dit gebeurt simpelweg door te bepalen dat bestaande bouwwerken moeten voldoen aan het Bouwbesluit 2003 en de bouwverordening.

Bouwbesluit 2003

Het Bouwbesluit bevat bouwtechnische voorschriften waaraan alle bouwwerken, zoals woningen, kantoren, winkels e.d. in Nederland minimaal moeten voldoen. Ook verbouwingen vallen onder het Bouwbesluit. De eisen hebben betrekking op veiligheid, gezondheid, bruikbaarheid, energiezuinigheid en milieu.

Het Bouwbesluit geldt voor het bouwen en in stand houden van alle bouwwerken. Omdat een huis in 1920 nu eenmaal aan andere eisen moest voldoen dan een huis van tegenwoordig, maakt het Bouwbesluit in een aantal gevallen onderscheid in voorschriften voor nieuwbouw en voor bestaande bouw. Voor alle nieuw te bouwen bouwwerken gelden uiteraard de nieuwbouweisen, maar ook bij verbouwingen moet voldaan worden aan de eisen van het Bouwbesluit. Dat geldt dus ook voor verbouwingen in of aan bestaande bouwwerken. Als u gaat (ver)bouwen moet u dus altijd aan het Bouwbesluit voldoen.

Het Bouwbesluit is met name bedoeld voor deskundigen zoals architecten, bouwkundigen en aannemers. Om in het Bouwbesluit te zoeken is dus enige ervaring nodig. ARTEC kan u informeren hoe het bouwbesluit in uw situatie van toepassing is en zorgt ervoor dat uw bouwplan wordt ontworpen volgens de eisen van het Bouwbesluit 2003. 

Gebruiksbesluit

Per 1 november 2008 gelden landelijke voorschriften voor het brandveilig gebruik van bouwwerken. Met de inwerkingtreding van het Besluit brandveilig gebruik bouwwerken (Gebruiksbesluit) zijn de gemeentelijke voorschriften vervallen en geldt er één landelijke set aan voorschriften.

Het Gebruiksbesluit regelt dat de brandveiligheidseisen voor iedereen in elke gemeente gelijk zijn. Meer rechtsgelijkheid dus. Daarnaast vermindert met het Gebruiksbesluit ook het aantal gebruiksvergunningplichtige bouwwerken met ca. 80%. Dit verlaagt de administratieve lastendruk.

Op 1 november 2008 is fase 1 van het Gebruiksbesluit in werking getreden. In fase 1 zijn de voorschriften voor brandveilig gebruik uit de modelbouwverordening van de VNG overgeheveld naar landelijke regelgeving. Fase 2 van het Gebruiksbesluit betreft de afstemming van de bouwtechnische, installatietechnische en gebruikstechnische eisen. Deze afstemming vindt naar verwachting plaats in 2010. Meer informatie is te lezen in het informatieblad 'Brandveiligheid - landelijke uniformering voorschriften brandveilig gebruik bouwwerken' op de website www.postbus51.nl.